In het boek over de verhaalanalyse slaagt Rimmon- Kenan drie werkwijzen van de karakterisering van de personages voor. Volgens hem kan je de personages rechtstreeks typeren. Darmee bedoelt Rimmon- Kenan dat een persoon door een introductie aan de hand van een reeks karaktereigenschappen in het verhaal ingevoerd kan worden. Hier gaat het om zowel innerlijke als of om uiterlijke directe beschrijvingen van een romanfiguur als bij voorbeeld ` Jan was groot en zijn groote blouwe ogen doen aan zijn gestorven moeder denken.` Een ander manier waarop romanpersonages kunnen beschreven worden, is onrechtstreekse karaktrisering die ook impliciete karakterisering wordt genoemd. Hier gaat om de typering aan de hand van metonymische verhoudingen,`zo liggen de daden die een personage stelt in het verlengte van zijn karakter` , wat betekent dat de omgeving, waarin een personage leeft of haar uitspraken veelzeggend voor haar karakter kunnen zijn. Ook het uiterlijke van een personage kan van beteknis voor haar karakter zijn als bij voorbeeld `Mijnheer De Langneus` kan suggereren dat mijnheer De Langneus nieuwsgierig is. Als derde werkwijze slaagt Rimmon-Kenan de karakterisering via analogie of allegorie voor. Hier gaat om de metaforische vergelijken als bij voorbeeld paard of beer.
Inhoudsopgave
1. Inleiding: die werkwijzen van karakterisering naar Rimmon- Kenan
2. Belangrijke rol van de personages in de roman
3. Overzicht van de personages in de roman
4. De namen als drager van de karaktereigenschappen
4.1 Speaking names of programmanamen
4.2. Realistische namen
4.3. Initiaalnamen
5. Conclusie: functie van karakteruitbeelding door de namen voor de roman `Sara Burgerhart`
6. Bibliografie:
Primair:
Secundair:
Doelstelling en thematische focus
Deze wetenschappelijke scriptie onderzoekt hoe de auteurs Betje Wolff en Aagje Deken in de roman 'Historie van mejuffrouw Sara Burgerhart' karakteriseringstechnieken toepassen via de namen van personages. De hoofdvraag richt zich op de vraag of en hoe de gekozen namen (allegorisch, realistisch of initialen) dienen als dragers van karaktereigenschappen binnen de pedagogische en verlichte context van de briefroman.
- Analyse van karakteriseringstechnieken volgens Rimmon-Kenan.
- Onderzoek naar de functie van 'speaking names' en programmanamen.
- Onderscheid tussen allegorische, metonymische en realistische naamgeving.
- De invloed van de epistolaire vertelvorm op de personage-uitbeelding.
- De relatie tussen naamgeving en de didactische boodschap van de Verlichting.
Auszug aus dem Buch
4.1 Speaking names of programmanamen
De allegorische namen waarover Buijnsters schrijft, worden ook de speaking names of programmanamen genoemd.. Alle drie begrippen staan voor de namen die op de karaktereigenschappen van de personages zinspelen. De keuze voor dit soort namen in de roman wordt door de schrijvers bewust gemaakt `omdat zij ermee aan de klassieke model van de rechtlijnigheid en consequente karakteruitbeelding wilden aansluiten.´6 Een paar personages als de hoofdpersoon Sara Burgerhart, Hendrik Edeling, Abraham Blankaart, weduwe Spilgoed-Buigzaam, Styntje Doorzischt en Cornelia Slimpslamp zijn in de roman naar dit oude model geschetst. De karakteruitbeelding van die personages is in hoge mate schematisch,`beheerst door de oude antike leer van temperamenten, een karakter dat eens is begonnen, moet door het hele stuk hetzelfde blijven`7 .De personages met een programmanaam heeft dus iets statisch in zijn karakter. Zijn karakter blijft van het begin tot het eind van de roman gelijk.
Samenvatting van de hoofdstukken
1. Inleiding: die werkwijzen van karakterisering naar Rimmon- Kenan: Dit hoofdstuk introduceert de theoretische kaders van Rimmon-Kenan voor de karakterisering in narratieve teksten.
2. Belangrijke rol van de personages in de roman: Hier wordt het pedagogische doel van de briefroman en de centrale positie van de personages als boodschappers toegelicht.
3. Overzicht van de personages in de roman: Dit hoofdstuk biedt een schematische indeling van de diverse personages in de roman rondom de protagonist Sara Burgerhart.
4. De namen als drager van de karaktereigenschappen: Dit is het hoofddeel waarin de verschillende categorieën namen (programmanamen, realistische namen, initialen) worden geanalyseerd.
5. Conclusie: functie van karakteruitbeelding door de namen voor de roman `Sara Burgerhart`: Het slothoofdstuk vat samen hoe de naamgeving bijdraagt aan de didactische en verlichte doelstellingen van de roman.
6. Bibliografie:: Een overzicht van de gebruikte primaire en secundaire bronnen voor dit onderzoek.
Belangrijkste trefwoorden
Sara Burgerhart, Betje Wolff, Aagje Deken, karakterisering, programmanamen, speaking names, Verlichting, briefroman, allegorie, metonymie, literatuuranalyse, pedagogische roman, personagevorming, naamgeving.
Veelgestelde vragen
Wat is het fundamentele onderwerp van dit werkstuk?
Het werkstuk onderzoekt de wijze waarop personages in de roman 'Historie van mejuffrouw Sara Burgerhart' worden gekarakteriseerd door middel van hun namen.
Welke thematische gebieden staan centraal?
De centrale thema's zijn de Verlichting, pedagogische literatuur, de psychologie van personages en de narratologische benadering van naamgeving.
Wat is de primaire onderzoeksvraag?
De centrale vraag is hoe de auteurs Wolff en Deken specifieke naamgeving gebruiken als didactisch instrument om karaktereigenschappen direct en indirect aan de lezer te communiceren.
Welke wetenschappelijke methode wordt gehanteerd?
De auteur gebruikt de verhaalanalyse-methode van Rimmon-Kenan als theoretisch fundament om de verschillende manieren van karakterisering te duiden.
Wat wordt er in het hoofddocument behandeld?
In het hoofddeel worden de personages gecategoriseerd op basis van hun namen, specifiek kijkend naar de statische aard van allegorische namen tegenover de dynamiek van realistische namen.
Welke trefwoorden karakteriseren het werk?
Kernbegrippen zijn onder meer 'speaking names', 'allegorie', 'didactiek', 'briefroman' en 'karakterontwikkeling'.
Waarom is de naam 'Burgerhart' zo significant?
De naam 'Burgerhart' wordt geanalyseerd als een samentrekking die zowel de sociale klasse ('Burger') als de psychologische dispositie ('hart') van de protagonist Sara definieert.
Hoe verhouden Abraham Blankaart en de andere personages zich tot de verlichte idealen?
Blankaart fungeert als het ideale beeld van de Nederlandse koopman; zijn naam weerspiegelt zijn eerlijkheid en zakelijkheid, wat essentieel is voor de moralistische boodschap van het boek.
- Quote paper
- Irena Glodowska (Author), 2006, De karakterisering van de personages op basis van hun namen in de roman "Historie van mejuffrouw Sara Burgerhart" van Betje Wolff en Aagje Deken, Munich, GRIN Verlag, https://www.grin.com/document/129395