Grin logo
de en es fr
Shop
GRIN Website
Texte veröffentlichen, Rundum-Service genießen
Zur Shop-Startseite › Philosophie - Philosophie des 20. Jahrhunderts

Historiciteit bij Foucault. Een hermeneutiek van het subject

Titel: Historiciteit bij Foucault. Een hermeneutiek van het subject

Essay , 2013 , 24 Seiten

Autor:in: Ralph Wallenborn (Autor:in)

Philosophie - Philosophie des 20. Jahrhunderts
Leseprobe & Details   Blick ins Buch
Zusammenfassung Leseprobe Details

De centrale vraag in mijn essay draait om de rol van de historiciteit in het discursieve denken van Foucault, zowel in methodische zin alsook gerelateerd aan begrippen als autonomie en vrijheid. Wat dat laatste betreft, is het mijns inziens een dooddoener om te stellen dat een bepaalde mate van zelfbeschikking in Foucaults discoursanalyse bij voorbaat uit te sluiten is (als je het individu begrijpt als knooppunt in een netwerk van relaties, dan bestaat daartoe de neiging).
Vragen die ik graag wil beantwoorden, zijn:
1. Welke plaats heeft de filosofie in de hermeneutiek van het subject? Wat blijft er over als historisch bepaalde machtsdispositieven de enige methodologische fundering zijn voor onze blik op de wereld (zowel in persoonlijke zin als in de wetenschappen)? Verwordt de filosoof hiermee tot een veredelde filoloog, die zich alleen in termen van intersubjectiviteit over zijn onderzoeksmaterie mag uitspreken?
2. Hoe vindt op micro- en macroniveau subjectivering plaats in het licht van de historische context en op grond van welke argumenten trekt Foucault conclusies over de aard van een mogelijke subjectwording?
3. In hoeverre is de nalatenschap van Foucault uit het huidige wetenschappelijke discours weg te denken? Of positief geformuleerd: hoe actueel is zijn denken en welke aanknopingspunten biedt het voor de huidige vragen binnen de filosofie?
En ten slotte, hiervan afgeleid:
4. Hoe verhoudt zich de veronderstelde autonomie van het individu (Kant) tot zijn historiciteit? Volgens Kant is de menselijke wil in staat om een naturalistisch grondimpuls op te heffen. Hieruit wordt een ‘intelligibele’ ethiek afgeleid. Hoe ‘intelligibel’ is de ethiek van Foucault eigenlijk?

Leseprobe


Inhoudsopgave

0. Inleiding en centrale vraagstelling:

1. De filosoof als sporenzoeker en archeoloog

2. Het subject: onderworpen aan de eindigheid

3. De punctualiteit van het ongedachte: subjectivering als objectivering

4. De machtsdynamica in macro- en micro-fysisch perspectief

5. Parrhêsia: een esthetica als levenskunst

6. Conclusie: historiciteit als grondvoorwaarde voor het menselijk zelfbegrip

Doelstelling en thematische focus

Deze publicatie onderzoekt de rol van historiciteit in het discursieve denken van Michel Foucault, waarbij de focus ligt op de methodologische implicaties voor het menselijk zelfbegrip, autonomie en vrijheid binnen veranderlijke machtsstructuren.

  • De methodologische positie van de filosoof als 'archeoloog' en 'sporenzoeker'.
  • De subjectivering van de mens binnen historische en discursieve krachtvelden.
  • De wisselwerking tussen machtsdynamica (macro- en micro-fysisch) en de vorming van identiteit.
  • De betekenis van parrhêsia en zelfzorg als esthetica van het bestaan.
  • De kritische deconstructie van het modernistische idee van de 'maakbare mens'.

Auszug aus dem Buch

3. De punctualiteit van het ongedachte: subjectivering als objectivering

De term punctualiteit omvat zowel een ruimtelijk als een temporeel aspect: de mens is altijd aan tijdruimtecoördinaten gebonden die hem existentieel toevallen. Deze vormen het kader van zijn zelfbegrip maar ook van het kennen van de wereld die hem omsluit. Foucaults pogingen om de grilligheid van de West-Europese ideeëngeschiedenis in de vorm van verschillende discoursen weer te geven, baseren op een dubbele ‘écriture’: het lichaam is het fysieke bewijs van een epoche doordat alle temporele merktekens erop worden ‘ingeschreven’. Of om het uit nog beeldrijker uit te drukken: het lichaam is het ruimtelijke merkteken van een bepaalde epoche en wordt aldus zelf onderdeel van een symbolische orde. De ordening binnen die orde is gerelateerd aan een geldend machtsvertoog, dat volgens Foucault vanaf de 18e eeuw in toenemende mate gekenmerkt wordt door disciplinering van het subject tot volgzaam lichaam. De incorporatie van het subject in de symbolische orde die hem tekent, verloopt volgens de wetten van de ‘Nieuwe Tijd’:

“De fysica van de macht krijgt dankzij de technieken van het toezicht greep op de lichamen volgens de wetten van de optica en de mechanica, volgens een spel van ruimten, lijnen, schermen, bundels en gradaties, en – in principe althans – zonder gebruikmaking van dwang, geweld of buitensporigheid. De macht lijkt minder ‘fysiek’ naarmate haar technieken meer ‘fysisch’ worden.”

Samenvatting van de hoofdstukken

0. Inleiding en centrale vraagstelling: Introduceert de centrale rol van historiciteit in Foucaults werk en formuleert de onderzoeksvragen over subjectivering, macht en autonomie.

1. De filosoof als sporenzoeker en archeoloog: Belicht Foucaults methodologische aanpak waarbij de filosoof taal en discours analyseert als historisch bepaalde machtssystemen in plaats van als neutrale waarheidsvinding.

2. Het subject: onderworpen aan de eindigheid: Analyseert hoe het menselijk subject gevormd wordt door historische contingentie en hoe kennis en macht samenwerken om identiteit te genereren.

3. De punctualiteit van het ongedachte: subjectivering als objectivering: Onderzoekt de disciplinering van het lichaam in de moderniteit en hoe machtstechnieken het individu objectiveren binnen symbolische orden.

4. De machtsdynamica in macro- en micro-fysisch perspectief: Bespreekt de verschuivingen in machtstechnologieën, van soevereine macht naar moderne staatsraison en de rol van statistiek en normalisering.

5. Parrhêsia: een esthetica als levenskunst: Exploreert de Griekse concepten van zelfzorg en parrhêsia als vormen van subjectivering die de mens in staat stellen om kritisch te reflecteren op het eigen leven.

6. Conclusie: historiciteit als grondvoorwaarde voor het menselijk zelfbegrip: Concludeert dat het subject besloten ligt in het 'worden' en dat historiciteit essentieel is om de maakbaarheid van de mens en de samenleving kritisch te bevragen.

Sleutelwoorden

Foucault, historiciteit, subjectivering, macht, discours, archeologie, waarheid, zelfzorg, parrhêsia, disciplinering, moderniteit, machtsdispositieven, identiteit, epistemologie, subject.

Veelgestelde vragen

Waar gaat deze studie in essentie over?

De studie onderzoekt hoe Michel Foucault de rol van historiciteit inzet om te begrijpen hoe mensen zichzelf als subjecten vormen binnen historische machtsstructuren.

Wat zijn de centrale thema's in dit werk?

De belangrijkste thema's zijn de discursieve vorming van macht, de disciplinering van het lichaam, de relatie tussen waarheidsconstitutie en identiteit, en de filosofische praktijk van zelfzorg.

Wat is de primaire onderzoeksvraag?

De centrale vraag is hoe de historiciteit van het denken de autonomie en vrijheid van het subject beïnvloedt, gegeven dat het individu een 'knooppunt' is in een netwerk van discursieve relaties.

Welke wetenschappelijke methoden worden toegepast?

De auteur gebruikt een genealogische en archeologische methode, waarbij wordt gekeken naar de verschuivingen in machtsdispositieven en de manier waarop waarheid historisch wordt geconstrueerd.

Wat wordt er in het hoofdgedeelte behandeld?

Het hoofdgedeelte behandelt de overgang van soevereine macht naar disciplineringsmacht, de rol van kennis in de vorming van het subject, en de verschuiving in de Griekse oudheid naar esthetische zelfpraktijken.

Welke sleutelwoorden kenmerken de analyse?

Begrippen zoals historiciteit, subjectivering, machtsvertoog, parrhêsia en de 'deconstructie' van de maakbare mens vormen de kern van de terminologie in deze tekst.

Hoe verhoudt de 'maakbare mens' zich tot Foucaults denken?

Volgens de auteur stelt Foucault grote vraagtekens bij het modernistische idee van de maakbare mens, omdat het individu altijd onderworpen is aan historische krachten en contingentie.

Wat is de rol van het lichaam in Foucaults machtsanalyse?

Het lichaam fungeert als het fysieke bewijs en brandpunt van disciplinering; het wordt door technieken van toezicht gevormd tot een 'volgzaam lichaam' binnen moderne machtssystemen.

Wat betekent parrhêsia in de context van deze studie?

Parrhêsia wordt geduid als een vorm van vrijmoedig waarheidsspreken die in de Griekse oudheid essentieel was voor de vorming van een moreel subject en de ethiek van het levenskunst-concept.

Ende der Leseprobe aus 24 Seiten  - nach oben

Details

Titel
Historiciteit bij Foucault. Een hermeneutiek van het subject
Hochschule
Erasmus Universiteit Rotterdam  (Philosophy)
Autor
Ralph Wallenborn (Autor:in)
Erscheinungsjahr
2013
Seiten
24
Katalognummer
V344628
ISBN (eBook)
9783668341388
ISBN (Buch)
9783668341395
Sprache
Niederländisch
Schlagworte
history of the subject hermeneutics
Produktsicherheit
GRIN Publishing GmbH
Arbeit zitieren
Ralph Wallenborn (Autor:in), 2013, Historiciteit bij Foucault. Een hermeneutiek van het subject, München, GRIN Verlag, https://www.grin.com/document/344628
Blick ins Buch
  • Wenn Sie diese Meldung sehen, konnt das Bild nicht geladen und dargestellt werden.
  • Wenn Sie diese Meldung sehen, konnt das Bild nicht geladen und dargestellt werden.
  • Wenn Sie diese Meldung sehen, konnt das Bild nicht geladen und dargestellt werden.
  • Wenn Sie diese Meldung sehen, konnt das Bild nicht geladen und dargestellt werden.
  • Wenn Sie diese Meldung sehen, konnt das Bild nicht geladen und dargestellt werden.
  • Wenn Sie diese Meldung sehen, konnt das Bild nicht geladen und dargestellt werden.
  • Wenn Sie diese Meldung sehen, konnt das Bild nicht geladen und dargestellt werden.
  • Wenn Sie diese Meldung sehen, konnt das Bild nicht geladen und dargestellt werden.
Leseprobe aus  24  Seiten
Grin logo
  • Grin.com
  • Versand
  • Kontakt
  • Datenschutz
  • AGB
  • Impressum